Bundel 5 Sociaal doolhof
Sociaal doolhof
Inhoudsopgave:
1. Alter ego
2. Bij leven
3. De orde van de dag
4. De tijd
5. Duo Penotti
6. Eeuwige jeugd
7. Ego
8. Hartstocht
9. Hartstreek
10. Heimwee
11. Het ruige leven van de leek
12. Individualist
13. Influencer
14. Krokodillentranendal
15. Moedermaffia
16. Ons pap
17. Pubers
19. Religie
19. Sociaal doolhof
20. Wat als
21. We zien wel weer
22. Zelfdoding
1. Alter ego
Geweten als een tweede ik,
echo in het hoofd.
Irritante speldenprik,
de ratio verdoofd.
Ontpopt in een knuffelbeer,
zo’n halve eeuw geleden.
Herpakt telkens weer,
conformerend aan het heden.
De knuffelbeer,
bestaat niet meer.
Ofschoon,
een denkbeeldige persoon,
vertaalt sprongen in de tijd,
geeft heldere signalen.
Een onbegonnen strijd;
alter ego of façade.
2. Bij leven
Vaker dan bij leven,
spook je door mijn hoofd.
Wel is bij dit gegeven,
de herinnering verdoofd.
Dan wil ik om je rouwen,
het met drank doordrenkte beeld,
het geslonken vertrouwen,
het merendeel verspeeld.
Maar jouw afscheid was een heldendaad.
Heradem steeds jouw laatste grap,
waarbij de ziel de pijn verlaat;
Wat was dat knap!
Wat was dat knap!
3. De orde van de dag
Het begin van een nieuw tijdperk.
De eerste middelbare schooldag,
voor dat recalcitrante manneke.
De gebalde vuistjes
Een rugzakje op de basisschool.
Hij werd speciaal gevonden.
Een kindertijd lang,
in een hokje gehuisd
De hele dag in zak en as,
totdat hij opduikt in de deuropening.
Door en door nat geregend.
Zijn grijsblauwe ogen twinkelen.
Het was prima.
Het is hem aan te zien.
Hij is thuisgekomen.
Eindelijk.
Over tot de orde van de dag.
4. De tijd
De tijd dekt de lading niet,
van dat wat jaren drijft.
Vluchtigheid zonder limiet,
vaagheid die weleens beklijft
Stop de klok en pluk de dagen.
Denk niet langer jong of oud.
Help de levensloop vertragen,
op ritme zonder voorbehoud.
Totdat de uren zich herhalen.
Alles wordt een déja vu.
Zie geheugensteuntjes falen.
Dan telt alleen het hier en nu.
5. Duo Penotti
Jij een tint en ik geen kleur.
Duo Penotti in de bocht.
Kinderen en hun voorkeur.
Niks vreemds achter gezocht.
Soms vergaten we de tijd.
Jouw broer stond buiten af te tellen.
Jij verried de broze loyaliteit,
door berouwvol op hem af te snellen.
Of als ik je tegenkwam op straat,
onder andere invloedsferen,
en ach het gaat zoals het gaat:
Je bleef genadeloos negeren.
Wat volgt er uit die rassenstrijd?
Op een hedendaags kleuterfeest.
Bruin knuistje dat mijn hand inglijdt.
Witte mensen zijn weer bot geweest.
Wat zwartwit niet weet niet deert.
Ik druk het kind tegen me aan.
Als straks haar moeder arriveert,
heb ik het weer gedaan.
6. Eeuwige jeugd
Mijn eeuwige jeugd.
Herinneringen kwetsbaar.
Thuisfront dat niet deugt.
Basis laakbaar.
Er is geen verweer.
Hoe hoog leg je de lat?
Vergeet het oude zeer.
Er is overal wel wat,
Alles zullen ze bagatelliseren,
totdat eens in de zoveel jaar,
dat kleine kind kan relativeren,
want ongezegd herken je elkaar.
7. Ego
Wat stel ik nou voor,
in het grote totaal?
Ik eis een gehoor,
voor mijn kleine verhaal.
Een eenling verduisterd,
Een gros wendt zich af.
Een sterveling luistert,
scheidt koren van kaf.
8. Hartstocht
Een uitgekauwd verlangen,
herwint niet meer aan smaak.
Weer door de hunkering bevangen,
een onbegonnen zaak.
Gevoel is niet altijd.
Emotie fluctueert.
Gedachten raken afgeleid.
De overvloed stagneert.
Het vuur na aan de schenen gelegd.
Zonder zuurstof brandt het niet.
Vulkaan in ruste zo gezegd.
Eeuwige eruptie in het verschiet.
9. Hartstreek
Ze skypet en belt naar harte lust,
met een vriendje overzee,
dat ze virtueel verlangend kust.
Ze neemt hem in haar hartstreek mee.
Het liefste zou ze emigreren.
Haar meisjesdromen achterna.
Gewoon het tij volledig keren.
Vertrekken naar Amerika.
Voor een tiener rigoureus.
Wat kan je puberaal verwijten?
Opstandig van de belegen keus,
om een liefde thuis te slijten.
10. Heimwee
Heimwee naar weleer,
waar beelden verschralen,
door opgedroogd zeer,
in een koffer vol verhalen.
Mijn bagage is gekleurd.
Logeren in jouw huis.
Het is allang gebeurd.
Ik voel me niet meer thuis.
Tussen de vertrouwde geur,
van pas gewassen lakens,
en de hallucinerende teneur,
van uitgeworpen bakens.
Van weemoed en halsstarrigheid.
Het verleden is niet meer,
dan een melancholisch afscheid,
met het heden als verweer.
11. Het ruige leven van de leek
De zelfkant van de maatschappij.
De wette- en de goddelozen.
Aan elke romantiek voorbij.
Over- boven - leven verkozen.
Hier dooft de drank de zielenpijn.
En drugs, geen seks en rock and roll,
houden randfiguren klein,
en opvanghuizen vol.
Inspiratiebron voor kunstenaars.
De één oprecht de ander fake.
Lap sterke verhalen aan de laars.
Het ruige leven van de leek.
12. Individualist
Wat zegt eenzaam over eenling,
als ik niet zit te wachten op,
wat zo gezellig is om samen te doen,
omdat ik niet zou snappen,
dat 1 en 1 dan 2 is,
en niet alleen.
Dus moet eenling ondergaan,
wat anderen er zo leuk
aan vinden.
Maar er is en blijft niets aan.
13. Influencer
Wat een interessante info.
Dat een leek dat nou niet snapt.
Sluikreclame en retro.
Wij zijn niet in een val getrapt.
Naar eigen zeggen origineel.
Welkom nieuwe, vrije geest.
Zo’n gast kopieert wel super veel,
maar zet dat recht met copy paste.
Zo hoeft niemand nog te debatteren,
met tegenstanders uit het veld.
Dat zal ons oldtimers eens leren,
van een hyper antiheld.
14. Krokodillentranendal
Sterren uit het firmament,
vallen door de mand,
zijn bewondering gewend,
en stuiteren bij tegenstand.
Dus dan kun je leuk acteren,
of je kweelt een mopje meer,
en je mag ook protesteren,
tegen lockdown in het geweer.
Zo trapt men in jouw vage val,
van ja en nee en krijg de kleren,
Een krokodillentranendal,
dat het tij ook niet zal keren.
15. Moedermaffia
Jouw kind loopt geen gevaar.
De maffia kijkt wel uit.
Moeders zijn er voor elkaar.
Zitten altijd op je huid.
Op het speelplein waren invloedssferen,
en zelfs de kleinste niemendalletjes,
transformeren binnen de kortste keren,
in typisch moedermaffia gevalletjes.
De maffia bepaalt wat door de beugel kan,
en zo niet dan valt het oordeel rap.
Zo smeden de moeders een meesterplan,
rekruteren leden stap voor stap.
Medezeggenschap en ouderraad,
overspoeld met schijnhulpvaardigheid.
Infiltreren aldus adequaat,
in het publieke onderwijsbeleid.
16. Ons pap
De vader die je niet was,
heb ik niet gemist.
Niet als klein meisje,
en ook niet nu ik groot ben.
Pas als anderen vroegen wie je was,
kon ik nooit uitleggen,
waarom jij anders was
dan andere vaders.
En later vond ik dat het jouw schuld was,
dat ik moeilijk meekon met de massa,
dat de mensen mij nawezen:
Zij is anders dan anderen.
Totdat ik langzaamaan volwassen werd,
tot jouw grote genoegen.
Maar als anderen vroegen wie ik was,
kon je nooit uitleggen waarom,
ik anders was dan andere dochters.
Zo heb ik altijd gevoeld,
dat jij mijn vader was,
en ik je dochter.
Zonder grote woorden.
Ik werd de parel aan je kroon,
en ik was zo blij dat jij bestond.
Als onverbeterlijk optimist.
Als de vader die je wel was.
De vader die mij de zekerheid gaf,
dat ik ben wie ik ben.
Zonder verontschuldigingen.
Zoals ook jij was wie je was.
Zonder pardon.
Mijn vader.
17. Pubers
Heradem hun kindertijd,
probeer tranen weg te slikken.
Pubers bieden genoeg respijt,
om vervlogen aan te dikken.
Niet snel zal zij nog ‘mama’ zeggen,
als ze boos is of heel bang.
En hij heeft minder uit te leggen,
steeds meer knuffels onder dwang.
Maar moet ook nooit meer reageren,
op elk oordeel dat men velt.
Ze gaan zich opperbest verweren,
de kinderdagen zijn geteld.
18. Religie
Aan het eind van een onbezonnen tijd,
heeft onze kroost de communie gedaan.
Katholicisme versus moderne werkelijkheid,
bijbelsessies en kritiek doorstaan.
Wetenschap is geen geloof,
dat heeft religie ons geleerd.
De basis is een alkoof.
Ze zijn niet tot de kerk bekeerd.
Het licht is toch wel aangesprongen,
ongeacht kleur, geloof of smaak
Van sterfelijkheid doordrongen,
stelt het leven aan de kaak..
Herkenning geeft veel rust.
Geloven is cultuur.
Niet op zieltjeswinst belust.
Een historisch avontuur.
De bijbel, Thora of Koran,
met een gemeenzaam plot,
zullen eigen wegen gaan,
maar komen samen tot één God.
19. Sociaal doolhof.
Meedoen kan nooit kwaad.
Maakt niet uit waaraan.
Hoe het spelletje vast staat.
Heen en weer,
gaan en staan.
Wanneer te praten of te zwijgen?
Niet te luisteren of juist wel?
Maak ik mij een houding eigen?
Of zit ik lekker in mijn vel?
Beter maar de zoektocht staken.
Temper deze twijfelzucht.
Wie wil een ander wegwijs maken?
Een sociaal doolhof blijft geducht.
20. Wat als
Wat als is de nieuwe trend.
Stel je voor het roer kan om.
Het watje speelt een echte vent.
Het blondje doet veel minder dom.
Of openlijk buiten het potje pissen.
Ja, nee niet echt, maar zogenaamd.
Even het imago opfrissen,
Liederlijk, zuipend, onbeschaamd.
Wat als je zomaar zou verdwijnen,
in harddrugs of in sterke drank.
Wat als je eenzaam weg moest kwijnen,
zonder voorwendsels in de flank.
21. We zien wel weer
Een récidiverende erosie,
als een schaafwond in het oog,
in een venijnige pijnexplosie,
legt het zenuwstelsel bloot.
Het hoornvlies ontveld,
staat in vergelijk,
tot het medisch geweld,
van een ooguitstrijk.
Daarna een half jaar van suspense,
met een pleister op het zeer.
Gegijzeld door de bandagelens,
daarna zien we wel weer.
22. Zelfdoding
Maak er een einde aan.
De rug van de hand tegen het voorhoofd.
Laat het oogwit naar de hemel staan.
Al het drama is geoorloofd.
Dreigen is ook actie.
Kan doodsverachting niet verkroppen.
Een depressie is een fractie,
in een mensenleven stoppen.
Zelfdoding lijkt vaak ongegrond,
en ondanks erbarmen,
de uitvlucht een affront.
Liever het leven omarmen.

Reacties
Een reactie posten